|
|
|
Nieuws

Bart aan het woord
|
1/3/2010 |
Tommelein wil open en constructief debat over taken en financieringskader openbare omroep
|
|
In De Standaard van vrijdag 26 februari blijkt de audiovisuele sector te vrezen dat ik het voortbestaan van Vlaamse topfictie zal ondergraven, omdat ik mij in de Commisse Media vragen heb gesteld bij het feit dat steden en gemeenten vaak in hun geldbuidel moeten tasten om op tv te komen. In dit pessimistische artikel wordt er pas echt een zootje van gemaakt. Ik wil dan ook van de gelegenheid gebruik maken om één en ander in het juiste daglicht te stellen.
Ten eerste is er voor mij een duidelijk verschil tussen de openbare omroep enerzijds en de commerciële omroepen anderzijds. Ik wil nogmaals benadrukken dat ik mij niet wens in te laten met contracten die de commerciëlen sluiten met lokale overheden. Daartoe zijn lokale mandatarissen door het volk verkozen om op een verantwoordelijke manier met het lokale budget om te springen. Ik heb tevens benadrukt dat ik geen enkel probleem heb met de voordelen en de return die dit met zich meebrengt voor het toerisme en de horeca. Maar wanneer de openbare omroep op de proppen komt, liggen de kaarten echt wel anders. De VRT krijgt van de Vlaamse Overheid een serieuze financieringsenveloppe om haar opdrachten te vervullen. Daarnaast werden in de beheersovereenkomst ook externe financieringsmodaliteiten voorzien, zoals reclame, sponsoring, merchandising enzovoorts. Maar dit betekent niet dat de VRT dan de steden en gemeentebudgetten moet aanspreken of aan ongebreidelde marktconcurrentie moet doen. Zo stel ik me ook serieuze vragen of het werkelijk de taak is van onze zo geroemde VRT om een filiaal van een internationale keten (Starbucks) te lanceren via MNM. Is dit dan de nieuwe invulling voor de zender die systematisch aandeel verliest? Het is onze taak, als Vlaams Volksvertegenwoordigers, om de financiering van een overheidsbedrijf voortdurend kritisch te evalueren. En dus ook als het belastinggeld van de lokale besturen wordt aangesproken, die het trouwens ook niet gemakkelijk hebben, zeker door het wegvallen van het Lokaal Pact. Trouwens, waar eindigt dit? Als er wordt gefilmd op een bus, gaan we dan een financiële bijdrage vragen aan De Lijn?
Ten tweede heb ik in de Commissie Media op geen enkele manier fictiereeksen exclusief benaderd. Integendeel, ik heb heel duidelijk gesteld dat ook talkshows, entertainment- en evenementprogramma's vaak de gemeentebudgetten aanspreken vooraleer op de buis te komen. Ik denk aan de 50 000 euro die een stad als Gent moet betalen voor Villa Vanthilt of de 10 000 euro die aan gemeenten gevraagd wordt voor een uizending van '1000 zonnen'. Voor de meeste van onze gemeenten zijn dit geen peanuts. De waarheid heeft ook haar rechten en indien diegenen die mij aanvallen in de Commissie aanwezig waren geweest zouden ze geweten hebben dat ik tot tweemaal toe heb benadrukt dat dit een genuanceerd verhaal is en dat een verschillende benadering voor de verschillende soorten programma's wenselijk, zoniet noodzakelijk is. Ik wil hierover de discussie mogelijk maken in het kader van de nieuwe beheersovereenkomst.
Ten derde heb ik mijn bezorgdheid geuit over het toenemend fenomeen van opbod. We kunnen toch niet toestaan dat de openbare omroep zomaar lokale entiteiten tegenover elkaar gaat uitspelen om dan een programma toe te kennen aan de hoogste bieder. We hebben het hier wel over een openbare instelling en openbare besturen! Ik vind dat hier vragen bij mogen (moeten) gesteld worden. Het is met andere woorden dringend tijd om een debat te voeren over de taken en de financieringen van de openbare omroep. Ik sta trouwens niet alleen met deze kritiek, zoals woensdag in de Commissie duidelijk bleek
Tot slot wil ik nog even volgende bedenking maken. Indien het voortbestaan van Vlaamse topfictie afhangt van de budgetten van steden en gemeenten, dan is er iets toch iets grondigs mis met deze sector. Ik begrijp trouwens de redenering van meneer Bouckaert niet goed als hij stelt dat de lokale besturen er zijn om de laatste financiële gaten dicht te rijden, "als er tenminste een link is". Wat als er dan geen link is? Geen fictie? Deze gedachte impliceert trouwens dat als de VRT moet besparen dit gepaard gaat met een verborgen lastenverhoging voor de steden en gemeenten. Gaan we onze lokale besturen werkelijk laten uitpersen voor de tv? Trouwens waar dient het Vlaamse Audiovisueel Fonds, dat eveneens gesubsidieerd wordt met belastinggeld, dan nog voor? En meneer Bouckaert haalt zelf het goede systeem van tax shelter aan, dat er onder impuls van de liberalen is gekomen. Bovendien wordt vandaag ook topfictie gemaakt zonder financiële bijdragen van de lokale overheden. Een programma als Witse, dat de hoogste kijkcijfers haalt, krijgt van Halle immers enkel logistieke steun.
Ik vind Calimero-gedrag hier dan ook totaal ongepast. Ik hoop ten stelligste dat we met de verschillende partijen een open en constructief debat kunnen aangaan over de taken en het financieringskader voor de openbare omroep, zonder taboes en met de noodzakelijke zin voor nuance. |
|
|
|
|
Reageer op dit artikel
|
|
Artikel printen
// Vorige pagina
|
|
Gereageerd door
|
Vercauteren Hugo |
Geachte Heer Tommelein,
Ben zelf van Vivant - Open VLD en heb het ook moeilijk met uw stelling die te algemeen is. De reactie die ik hier toevoeg, doe ik in eigen naam. Het is niet getoetst met andere Vivant leden. Ik wil het niet hebben over talkshows en dergelijke waar blijkbaar ook bij lokale overheden geld wordt gevraagd. In grote lijnen ben ik het met u eens. Ik heb het vooral over fictie. Mijnheer Tommelein u moet goed begrijpen dat de budgetten voor fictie laag zijn in vergelijking met het buitenland. Dit komt natuurlijk door het feit dat Vlaanderen klein is en goede kwaliteit kost geld. Wij zijn goedkoop, spotgoedkoop. Ik sta in het audiovisueel onderwijs en ik weet dat productiebedrijven noodgedwongen maar al te graag een beroep doen op stagiaires die ze als gratis medewerker gebruiken. Vanaf het ogenblik dat die stagiaires één euro vragen vliegen ze vaak buiten om plaat te maken voor andere stagiaires die maar al te graag gratis komen werken. Er zijn twee soorten fictie reeksen: fictie die door de omroepen zelf exclusief zijn gefinancierd en vaak binnenshuis geproduceerd worden of door een apart bedrijf in opdracht van de omroepen. Bijvoorbeeld soaps, Witse, het vroeger FC Dekampioenen... Ten tweede. Er is het tweede soort fictie dat deels door het Vlaams Audiovisueel Fonds wordt gefinancierd. Meestal zijn dit kort lopende fictie reeksen van hoge kwaliteit met minimaal 5 afleveringen van minimum 45 minuten. Je kan dat niet op één hoop gooien. Nogmaals, dit komt natuurlijk dat wij zo'n kleine taalgemeenschap zijn. En in Wallonië werkt men anders dan in Vlaanderen. Ideaal zou zijn als je voor heel België fictiereeksen kan maken, maar dat is zelden het geval. Willen wij internationaal scoren, moeten wij andere soorten van fictie maken. Met alle respect voor bijvoorbeeld, een "Witse" zal in Vlaanderen goed scoren, maar elk land heeft zijn "Witse". Het is dus logisch dat onafhankelijke producenten "geld gaan zoeken waar ze het vinden": bij lokale overheden. Tax shelter heeft zijn beperkingen, mijnheer Tommelein. Tax Shelter is aan wetten verbonden (te ingewikkeld om uit te leggen) en ik persoonlijk pleit voor een versoepeling - verbreding van de tax shelter. Waarom zou bijvoorbeeld een individu niet van tax shelter mogen gebruik maken om in een tv reeks te investeren waar hij/zij in gelooft. Dit is maar één voorbeeld. Het Groot Hertogdom Luxemburg heeft bijvoorbeeld een bredere tax shelter, en voor bijvoorbeeld animatie staan zij altijd sterker dan wij. Europa heeft ook zijn problemen: Europese landen zijn zeer chauvinistisch, of je het nu graag ziet of niet. En dan sta je als klein land altijd in een mindere positie. Ik geef één voorbeeld: de automatische subsidiëring van buitenlandse productiehuizen (in Duitsland en Frankrijk bijvoorbeeld). Dus, als je hier grote kuis wilt gaan houden, mijnheer Tommelein, begin dan in Duitsland en/of Frankrijk want tegen die automatische subsidiëring kunnen wij niet tegen op. Zij hebben altijd meer geld dan wij. En sommige onder ons hebben betere ideeën dan zij, maar ze gaan nog liever dood (de arrogante Fransen bijvoorbeeld) dan dit het toe te geven. Dit is helaas de realiteit. Heel moeilijk om dan de leidinggevende producent te zijn in een coproductie. Het is logisch dat een Vlaams producent dan zegt: ik hoef geen coproducties meer en ga het geld zoeken waar ik het vind. Bij de lokale overheden bijvoorbeeld. Er is nog veel hierover te zeggen. Ik wil hier besluiten, dat het niet allemaal zo zwartwit is als je het stelt, en dat misschien in het kader van de bezuinigingen van de VRT eens moeten nadenken hoe wij verdere financieringen van het audiovisueel bedrijf gaan stimuleren. Rekening houdend met het feit dat wij een klein land (taalgemeenschap) zijn. Wat u wel kan eisen, is dat je bijvoorbeeld "tax shelter" anders en zoals ik zei "breder" gaat aanwenden. Om een persoonlijk voorbeeld te geven, ik beleg niet op beurzen en dergelijke. Maar ik zou maar al te graag spaargeld aanwenden om in een soms moeilijke zeldzame productie te investeren, omdat ik erin geloof, omdat ik vind dat dit een kans moet krijgen. Nu kan ik dat niet. Ik Conclusie: ik pleit voor internationalisering van de fictie reeksen en uitbreiding van het gebruik van tax shelter, vooral voor die kort lopende fictie reeksen. Ik zelf bijvoorbeeld zal nooit beleggen op de beurs. Ik zal nooit mijn spaargeld steken in een gemakkelijke fictie reeks. Maar ik zal wel mijn spaargeld investeren in een moeilijk niet alledaagse audiovisuele fictie reeks. Een fictie reeks waar de modale Vlaming niet in gelooft, maar waarvan ik wel geloof dat er een internationaal publiek (een niche markt) voor bestaat. Nu kan ik niet van tax shelter gebruik maken. En zelfs ook al investeer ik er 500 euro in (vele kleintjes maken één groot), ook dat moet aftrekbaar zijn. Zo is tax shelter ontstaan in Australië. Zo is de Australische film groot geworden. Als een producent gebruik maakt van tax shelter, kan je van hem eisen dat hij verplichtingen nakomt inzake werkgelegenheid en dergelijke. Maar op die manier ga je een verbreding krijgen van het audiovisueel product. Ook producties voor een klein publiek (maar een klein publiek in elk land maakt ook een groot publiek). Er zijn nog veel andere zaken die ik hier zou kunnen toevoegen, maar ik hou het hierbij.
Hugo Vercauteren
|
|

|