Sarah Schotte en Margot Neyskens: de sterke vrouwen achter Bart Tommelein

Posted on Posted in In de pers

Krant van West-Vlaanderen – Paul Cobbaert | Achter elke sterke man staat een sterke vrouw. In het geval van Bart Tommelein zijn dat er twee. Sarah Schotte is zijn echtgenote, zielsverwante, campagneleider en persoonlijke rechterhand. Margot Neyskens is zijn woordvoerder, spindoctor, kabinetschef en politieke rechterhand. Tommelein wil volgende week voorzitter zijn van Open VLD. Wij willen weten van zijn ‘madammen’ of dat een goed idee is.

Het stadhuis van Oostende is onze plek van afspraak, het kabinet van burgemeester Bart Tommelein. Hijzelf is afwezig. Overleg met de kustburgemeesters. Dat maakt dat we ruimte hebben voor de anderhalve meter. We gaan elk aan een uiteinde van de tafel zitten. Check. We geven geen kus, zelfs geen hand. Eveneens check. Het blijft onwezenlijk. Dat is ook de beste omschrijving voor deze liberale voorzitterscampagne. Onwezenlijk.

Sarah Schotte: “Het is moeilijk om voluit te gaan. Ik hou doorgaans van campagne voeren. Ik was zelfs campagneleider voor de lokale verkiezingen. Dan kan ik me volledig smijten. Deze keer niet. Alles is anders. Het voelt vreemd aan.”

Margot Neyskens:(knikt) “Het is daarom dat de campagne enkele weken werd onderbroken. Het kon gewoon niet. Wie kan op een ernstige manier reclame voor zichzelf maken, als de hele wereld in brand staat? (aarzelend) Het kan eigenlijk nog altijd niet. Maar het moet. De partij moet vooruit. Er is een voorzitter nodig.” 

Waarom zou dat Bart moeten zijn? 

Schotte: “Wie begint er?” (lacht)

Neyskens: Ik vind Bart een enorme teamplayer. Hij kan coachen en delegeren. Dat is een belangrijke eigenschap voor een voorzitter. Er zijn veel mensen in hoge functies die denken dat alleen zij de waarheid in pacht hebben.”

Denkt niet élke politicus dat?

Neyskens: “Hmm, hij kan luisteren naar anderen, hoor. Hij kan ook toegeven dat iets niet tot zijn expertise behoort. Maar hij heeft wel een eigen mening, dat zeker. Dat heeft iedereen op dat niveau.”

Schotte: Bart herhaalt dagelijks dat politiek een ploegsport is. Hij méént dat. Ik heb nog voor hem gewerkt, toen we nog geen koppel waren. Hij is de beste baas die ik ooit gehad heb. En waarom? Omdat hij vrijheid durft geven aan zijn mensen. Dat stimuleert. Ik wil ook zijn ervaring noemen als troef. Dat wordt soms onderschat.”

“Bart is meer bestuurder, ik ben meer ideoloog”, zegt Egbert Lachaert in De Zondag. Is dat zo?

Neyskens:(feller) “Wat een cliché. Het liberale verhaal moet niet meer uitgevonden worden, hé. Dat moet toegepast worden op nieuwe situaties. Bart kan dat minstens zo goed. Hij voelt goed aan wat er leeft onder de mensen, zonder daarom de mensen achterna te lopen. Hij durft ook moeilijke boodschappen brengen. ‘Ook als iets moeilijk is, gaan we het zélf brengen’, drukt hij mij altijd op het hart. Dat is ook een troef.”

Dat is de verkoper in hem.

Neyskens: “Ik zou niet stiefmoederlijk doen over communicatie. Een politicus moet kunnen uitleggen waarom hij iets doet. Dat is heel belangrijk.”

Schotte: “Hij drilt dat erin. Ik heb dat zelf meegemaakt. Staat er een moeilijk woord in een persbericht, dan vraagt hij om even naar buiten te gaan en aan tien mensen te vragen wat dat betekent. Als de helft dat niet begrijpt, dan moet dat woord eruit.”

Is zijn optimisme nooit gespeeld?

Schotte: “Nóóit. (enthousiast) Dat is een optimist tot en met. Ik vraag me af waar hij die energie blijft halen. Hij slaapt minder uren dan ik, maar als de wekker gaat, is hij klaarwakker. Ik noem dat pure waanzin. (lacht) Als hij down is, dan is dat vaak omdat hij aan zijn mama denkt. Ik zie dat op Moederdag. Dat is een moeilijke dag voor hem. Dat verlies doet hem pijn, ook al is dat 25 jaar geleden. Als het over zijn familie gaat, kan hij heel emotioneel zijn.”

Neyskens: “Dat is wat Bart zijn geluk maakt, zijn familie.”

Schotte: (knikt) “Als zijn kleinkind opa Bartjeroept, dan zie je hem smelten. Op zondagavond komen ook zijn drie oudste dochters langs. Dat is een heilig moment voor hem. Bart heeft een ongelooflijke band met hen. Die delen écht alles met elkaar.”

Genoeg lof. Wat is zijn grootste kleine kantje?

Schotte: “Thuis? Dat hij zijn tandenborstel niet afdroogt. Ik word daar onnozel van. (lacht) Maar echt, hé. Als ik één iets mag veranderen aan hem, dan kies ik dat.”

Neyskens:(denkt na) “Op kantoor zou ik zeggen: zijn ongeduld. Dat komt natuurlijk vanuit zijn drive. Soms zou hij wat meer geduld moeten hebben.”

Hij kan ook stevig kwaad worden, verneem ik. Met roepen en al.

Neyskens: “Dat is zo. Maar tien minuten later is hij dat alweer vergeten. Helaas is die andere dat niet altijd vergeten. (lacht) Hij is ook imposant, hé. Hij kan iemand omverblazen, door zijn mening luid en duidelijk te zeggen, zeker tegen iemand die introverter is.”

Schotte: “Oneerlijkheid kan hem kwaad maken. En leugens. Als iemand blijft liegen, dan kan hij stevig uitvliegen.”

Neyskens: “Of iemand die zijn fout niet kan toegeven. Voor de kerstmarkt moesten er tijdelijke verkeerslichten geplaatst worden. Maar wie moest dat doen? Dat was een heel gedoe, omdat enkele mensen naar elkaar keken. Uiteindelijk werden de lichten te laat geplaatst. Toen was hij héél kwaad.”

Schotte: “Thuis gebeurt dat zelden. Wellicht omdat hij niet veel thuis is. Als hij de kinderen ziet, wil hij vooral quality time. Dan laat hij het schelden over aan de mama. (lacht) Weet je wanneer hij een laatste keer echt boos was? Toen ik geen dokter wou bellen. Dat typeert hem ook. Hij kan zich dan ongelooflijk opwinden. Hij had net positief getest op corona, maar het was vooral ik die ziek was.”

Hoopt u eigenlijk dat hij voorzitter wordt? Hij is nu eens af en toe thuis.

Schotte: “Dat is dubbel: ik ga dat eerlijk toegeven. Ik hoop het voor de partij. Maar thuis zal dat de zaken niet makkelijker maken. (zwijgt even) Maar goed: dan gaan we een tandje bijsteken, hé. Dat zal wel lukken. De kinderen zijn het ook gewoon.” 

Verhuist u dan opnieuw naar Brussel, Margot?

Neyskens:(blaast) “Ik krijg die vraag wel meer. Ik weet dat niet. Dat hangt eerst van Bart af. Wat wil hij, als hij voorzitter wordt? En daarna moet ik nog willen.Allé, ik ga ook eerlijk zijn: ik sta niet te springen om partijwoordvoerder te worden. Ik hou van mijn werk als kabinetschef in Oostende.”

U ziet Bart meer dan Sarah. Is dat niet moeilijk?

Schotte: “Die vraag krijg ik dan weer regelmatig. (lacht) Maar het antwoord is neen. Ik ben niet jaloers op Margot. Ik ben geen jaloers type. Gelukkig maar. Als je jaloers bent, dan trouw je beter niet met een politicus. Ik weet dat ik Bart moet delen, als we ergens naartoe gaan. Iedereen wil zijn aandacht. Ik kan daarmee leven. Gelukkig ken ik ook veel mensen en moet ik daar dan niet alleen in een hoek staan kniezen. Het is zelfs vaak zo dat Bart eerder naar huis wil dan ik. Er is één iets waar ik niet tegen kan. Als we met de kinderen naar een pretpark gaan, dan moeten ze geen halfuur met hem willen praten.”

Neyskens: “Toen Bart mij vroeg om mee te komen naar Oostende, is dat even door mijn hoofd geschoten. Oei, dan wordt Sarah een collega van mij. Zal dat wel lukken? Maar dat blijkt geweldig goed te lukken. Steven, mijn man, en Bart lachen daar zelfs mee. ‘Haha, ik zie uw vrouw meer dan u haar ziet.’ Ze sturen elkaar ook van die berichtjes met flauwe mannenlol.” (lacht)

Het voorzitterschap is wel een hondenstiel. Schrikt dat niet af?

Neyskens: “Jawel. Het is daarom dat ik twijfel of ik wel partijwoordvoerder zou willen zijn. Ik heb geen dik vel. Als er een slecht verhaal in de krant verschijnt, dan raakt mij dat meer dan Bart.”

Schotte:(knikt) “Hij kan goed omgaan met kritiek. Hij haalt daar zelfs energie uit. Ik ben ook kritisch voor hem, van de eerste dag dat ik voor hem werkte.” 

Neyskens: “Hij vraagt dat ook. Hij wil geen ja-knikkers. Op alle vlakken. Inhoudelijk, maar ook op vlak van stijl en voorkomen. Toen hij onlangs op televisie kwam, in Gert Late Night, heb ik hem een bericht gestuurd: ‘Bart, weer enkele kilo’s erbij?'”

Schotte: “Die er intussen weer af zijn. (lacht)Margot en ik overleggen soms over kritiek. Zeg jij het hem, of zeg ik het?”

Neyskens: “Dat bericht is één voorbeeld. (lacht)We hadden vooraf afgesproken wie hem daarop zou wijzen.”

Schotte: “Maar Bart, als je dit leest, weet dan dat je opnieuw scherp staat. Ik ben fier op je.” (lacht)

Wie van u heeft nog politieke ambities?

Schotte:(aarzelend) “Ik kan me geen leven zonder politiek voorstellen. Ik ben al langer militant dan dat ik Bart ken. Die partij is deel van mij.”

Neyskens: “Ik zie u nog in de politiek gaan.”

Schotte: “Wie weet. Maar niet vandaag.”

Neyskens: “Ik hád ambities. Ik heb ook op lijsten gestaan. Maar nu zegt me dat weinig. Ik heb geen zin om hele dagen te piekeren over de reacties van mensen. Een politicus kan nooit goed doen. Ik vind dat frustrerend.”

Wat doet u, als Jan Verheyen u morgen belt voor een ferme rol in een film?

Neyskens: “Dat is weer wat anders.” 

Schotte: “Doen, Margot. We lossen dat wel op, zodat dat te combineren valt.”

Neyskens: “Bart zou dat ook zeggen. Dat was een kinderdroom van mij. Ik wou heel graag meespelen in een film. Ik heb die droom opgeborgen toen ik na Wittekerke een jaar lang vruchteloos televisiewerk zocht. Als er niets op je pad komt, dan moet je je geluk elders zoeken. Dat heb ik gedaan. Ik heb mijn geluk ook gevonden in wat ik nu doe. Maar als Jan dat zou willen, dan mag hij zeker bellen.” (lacht)